Belangwekkende publicaties

Hier vindt u een korte introductie bij de meest belangwekkende publicaties rond adoptie en pleegzorg, die in de afgelopen tijd zijn uitgekomen,zoals gehechtheidsonderzoek bij rechtspraak, geboortevolgorde bij adoptie, depressie en angst na emotionele verwaarlozing.....

Boeken voor betrokkenen bij adoptie

De Vereniging voor Kind en Adoptiegezin uit Vlaanderen houdt bij welke boeken uitkomen die aantrekkelijk zijn voor betrokkenen uit de adoptiedriehoek.  Hier een overzicht van de te bestellen boeken en een brochure waarin de boeken kort worden toegelicht


Boeken van BAAF

De Engelse organisatie BAAF - British Association for Adoption and Fostering heeft een grote verscheidenheid aan publicaties die van belang zijn voor het veld van adoptie en pleegzorg. Vanuit de websitepagina kan op onderwerp gezocht worden. Veel kennis vanuit de praktijk en vanuit onderzoek wordt hiermee voor de praktijk bereikbaar gemaakt. Het peer-reviewed tijdschrift Adoption and Fostering wordt samengesteld in samenwerking met BAAF.

Gezinsdossier adoptie online bij het NJi

Het kenniscentrum Jeugd en Opvoeding van het Nederlands Jeugdinstituut ontwikkelt, beheert en verspreidt kennis over bewezen effectieve behandelprogramma's en interventies in de jeugdsector. Via de website van het NJi wordt deze kennis voor iedereen toegankelijk gemaakt. Dit gebeurt onder andere via digitale themadossiers. In deze dossiers worden in vogelvlucht de verschillende aspecten van een thema belicht, zodat in korte tijd een overzicht kan worden gekregen van wat er bij een bepaald thema speelt. Na de voor adoptie relevante dossiers hechting en hechtingsproblemen en pleeggezin is nu ook het dossier adoptiegezin online gekomen. Anneke Vinke en Gera ter Meulen van het ADOC hebben hiervoor teksten aangedragen. In het dossier adoptiegezin wordt het beleid rond adoptie besproken (regelgeving, procedures, cijfers), de adoptiedriehoek, maar ook waar opgroeien en opvoeden door afstand en adoptie beïnvloed kunnen worden en welke effectieve methodes er zijn om hierbij te helpen. Gezinsaspecten zoals netwerken en tijdsbesteding komen ook aan de orde. Het dossier geeft ook een overzicht van onderzoek, literatuur en links.

   


De Monograph: Speciale uitgave over effecten van tehuisopvoeding

Eind 2011 is een speciale uitgave van de Monographs of the Society for Research in Child Development uitgekomen over effecten van tehuisopvoeding, pleegzorg en adoptie: ‘Children without permanent parents; research, practice and policy’ . Aan deze editie is meegeschreven door toonaangevende wetenschappers uit het veld van adoptie en pleegzorg, zoals de Nederlandse hoogleraren Van IJzendoorn, Juffer, Bakermans-Kranenburg en Verhulst, naast internationale collegae Groza, Zeanah, Palacios, Grotevant en vele anderen. De Monograph geeft een indrukwekkende samenvatting van wat momenteel vanuit wetenschappelijk onderzoek bekend is over effecten van tehuisopvoeding en de mogelijkheden van herstel hierna. Verder wordt aangegeven waar verder onderzoek nodig is en wat voor consequenties deze kennis heeft voor de praktijk. Doordat het tijdschrift zo’n compact en volledig overzicht geeft, is het zeer informatief om te lezen. (Ref. McCall 2011) Een samenvatting van de belangrijkste punten uit de Monograph is te vinden in het artikel ‘The Development and Care of institutionally reared Children’, een samenvatting van de Leidse Conferentie over de Ontwikkeling en Zorg voor Kinderen zonder permanente Ouders, georganiseerd in 2012. (Ref. Bakermans-Kranenburg 2012).


Facebook onder ogen zien

Facing up to Facebook vertelt hoe internet, sociale netwerken en andere technologieën zoekacties, contactlegging en hereniging bij adoptie kunnen veranderen. Sociale netwerksites zoals Facebook hebben het simpeler gemaakt om contact te leggen met mensen, met alle positieve en negatieve gevolgen die daaraan vast zitten. Verder lezen. Eileen Fursland 2010. Facing up to Facebook.ISBN: 978 1 905664 98 6. Te bestellen via BAAF:


Geadopteerd en dan?

Het boek ‘Geadopteerd, en dan?’ vertelt hoe de volwassen geadopteerden die voor dit boek geïnterviewd zijn, omgaan met hun achtergronden. De geïnterviewden hebben vrijwel allemaal de stap gezet naar een zoektocht.. Zij vertellen over hun overwegingen om te zoeken, hoe het contact met hun geboortefamilie verloopt en wat het hen gebracht heeft. Lees verder. Cornelie van Well. Geadopteerd en dan? Persoonlijke verhalen van geadopteerden, afstandsmoeders en adoptieouders. Uitgeverij de Graaff. ISBN: 978-90-77024-41-6  

Gehechtheid van belang bij rechtspraak kinderrechters

Om besluiten te nemen over toewijzing of uit huis plaatsing van kinderen, moeten kinderrechters voldoende inzicht hebben om de rapporten van Raad, Bureau Jeugdzorg of andere instanties te beoordelen. Dat vereist kennis: over oorzaken, ontwikkelingen en gevolgen van gehechtheidrelaties van jonge kinderen en over effectieve interventies. Omdat die kennis niet vaststaand en soms zelfs tegenstrijdig bleek, schreef prof. Dr. F. Juffer het rapport 'Beslissingen over kinderen in problematische opvoedingssituaties. Inzichten uit gehechtheidsonderzoek’ Het rapport is geschreven op verzoek van de Expertgroep Jeugdrechters en bestaat uit een theoretisch deel (het literatuuronderzoek) en een deel waarin een brug wordt geslagen naar de toepassingen in de (rechts)praktijk .

Het rapport geeft inzicht in hoe de kwaliteit van de gehechtheid bepaald wordt door de omgang tussen opvoeders en jonge kinderen, waarbij sensitief ouderschap een centrale rol speelt. Tevens gaat het rapport in op veel voorkomende valkuilen en bevat het concrete aanbevelingen voor de praktijk. 'Beslissingen over kinderen in problematische opvoedingssituaties - inzichten uit gehechtheidsonderzoek'  door prof. dr. F. Juffer. Research memoranda nr 6 2010 van de Raad voor de Rechtbank


ISS/IRC inventarisatie: Natuurlijke geboortevolgorde aanhouden bij adoptie?

 Het aanhouden van een natuurlijke geboortevolgorde wordt in het algemeen gezien als een beschermende factor bij adoptie. In hun circulaire no 93 en 69 onderzochten ISS/IRC in hoeverre dit werd aangehouden in de verschillende landen. Ze ontvingen 26 reacties, waarbij 6 van zendende landen en 26 van ontvangende landen. Het blijkt dat de geboortevolgorde in het algemeen wordt aangehouden, hoewel het minder is vastgelegd in beleid en zelden in wetgeving. Sommige landen gaven aan dat het niet respecteren van de natuurlijke geboortevolgorde een belangrijke factor is voor het fout gaan van de adoptie. Ook onderzoek lijkt dit aan te geven. Meer informatie in de ISS-IRC brochure


Depressie en sociale angst gerelateerd aan emotionele verwaarlozing als kind

Emotionele verwaarlozing als kind is kenmerkend voor personen met depressies, dysthymie (een lichte maar minimaal twee jaar durende vorm van depressie) en/of sociale angststoornissen later in het leven. Seksueel misbruik heeft onafhankelijk van emotionele verwaarlozing of andere traumatische ervaringen een specifiek verband met dysthymie.

Dit zijn een aantal opvallende resultaten van een onderzoek van psychologen en psychiaters van de Universiteit Leiden, het LUMC, de VU en het VUMC, naar de samenhang van negatieve jeugdervaringen en ingrijpende levensgebeurtenissen met depressie en angst later in het leven. De onderzoekers publiceerden hierover in de Journal of Affective Disorders. Psycholoog Philip Spinhoven beschreef de resultaten hiervan samen met andere onderzoekers van de sectie Klinische psychologie en de afdeling Psychiatrie van het LUMC. De resultaten nuanceren bestaande hypotheses die angststoornissen vooral relateren aan bedreigende ervaringen als seksueel misbruik en mishandeling, en depressie vooral in verband brengen met emotionele verwaarlozing, d.w.z. afwezigheid van aandacht, steun en empathie bij ouders of verzorgers.

Naast de genoemde resultaten over emotionele verwaarlozing en over seksueel misbruik leverde het onderzoek ook de volgende uitkomsten op:

  • De samenhang van depressieve of angststoornissen met negatieve ervaringen in de jeugd is groter dan die met negatieve ervaringen later in het leven.
  • Jeugdtrauma’s zijn zowel kenmerkend voor angst als voor depressieve stoornissen, hoewel het verband met depressieve stoornissen wat sterker lijkt.
  • Personen met meer dan één angst en depressieve stoornis rapporteerden vaker een geschiedenis van emotionele verwaarlozing en seksueel misbruik. En: hoe vaker verwaarlozing en misbruik voorkwamen des te sterker het verband.
  • De resultaten voor personen die ooit een affectieve stoornis hebben gehad zijn vergelijkbaar met de resultaten voor personen die daar op het moment van het onderzoek nog steeds last van hadden. Dit suggereert dat de antwoorden van de laatsten niet gekleurd waren door de negatieve stemming bij het invullen van de vragenlijst en tijdens het interview.
The specificity of childhood adversities and negative life events across the life span to anxiety and depressive disorders
Philip Spinhoven, Ph.D.; Bernet Elzinga, Ph.D.; Jacqueline Hovens, M.D.; Karin Roelofs, Ph.D.; Frans Zitman, Ph.D.; Patricia van Oppen, Ph.D.; en Brenda Penninx, Ph.D. In: Journal of Affective Disorders (2010) Meer informatie


Hiv-besmette kinderen in Oekraïne slechter af in kindertehuis

Kinderen met een Hiv-besmetting zijn beter af in een achterstandsgezin dan in een materieel goed voorzien kindertehuis. Dat blijkt uit onderzoek van Leidse pedagogen onder Oekraïense Hiv-besmette kinderen. Hun bevindingen verschijnen deze maand in Child Development.

Natasha Dobrova-Krol en haar collega’s van de afdeling Algemene en Gezinspedagogiek onderzochten 64 Oekraïense kinderen van gemiddeld 4 jaar oud; deels Hiv-besmet, deels niet. Van beide groepen woonde de helft bij hun ouders, terwijl de andere helft al sinds het eerste levensjaar in een tehuis verbleef. De materiële en medische omstandigheden in de onderzochte tehuizen waren goed. Toch bleek opgroeien in een tehuis samen te hangen met vertraging van de lichamelijke groei en de cognitieve ontwikkeling. Hiv-besmetting hing ook samen met een minder gunstig ontwikkelingsverloop, maar het nadelige effect van institutionele zorg was veel groter.

  De onderzoeksresultaten bevestigen dat institutionele opvang nadelig is voor een optimale ontwikkeling van het kind. Hiv-besmette kinderen in een gezin stonden er qua ontwikkeling beter voor dan de tehuiskinderen, besmet of niet. En dat terwijl er in de gezinnen vaak grote problemen speelden: armoede, verslaving en slechte huisvesting. In de tehuizen is de medische zorg en de controle op medicatie beter. Dobrova-Krol: ‘Blijkbaar is het vooral de stabiliteit en de kwaliteit van de relatie met de opvoeder die er toe doet. Dat is nu juist waar het vaak aan schort in kindertehuizen. Kinderen groeien op in grote groepen met een voortdurend wisselende leiding. Op 3-jarige leeftijd heeft een Oekraïens tehuiskind minstens 30 verzorgsters gehad.’

De resultaten van het onderzoek zijn te lezen in het proefschrift van Natasha Dobrova-Krol: 'Vulnerable children in Ukraine' of in haar artikel 'Dobrova-Krol, N.A., Van IJzendoorn, M.H., Bakermans-Kranenburg, M.J., & Juffer, F (2010). Effects of Perinatal HIV Infection and Early Institutional Rearing on Physical and Cognitive Development of Children in Ukraine. Child Development, 81(1), 237-251.


Pleegzorg in perspectief. Ontwikkelingen in theorie en praktijk

Het aantal kinderen dat gebruik maakt van pleegzorg is de afgelopen tien jaar verdubbeld, en ook de problematiek van pleegkinderen in verhevigd.
Dat heeft de redactie van dit boek ertoe gebracht om een aantal auteurs te vragen te schrijven over deze ontwikkelingen in de pleegzorg. In het boek wordt de pleegzorg die zo enorm in ontwikkeling is, belicht vanuit verschillende invalshoeken. In het eerste deel komt de opvoedingssituatie van pleegkinderen, hun ontwikkeling en hun relatie tot ouders en pleegouders, aan de orde. Het tweede deel geeft het juridisch kader waarbinnen pleegzorg plaatsvindt. Verder komen daar de juridische mogelijkheden voor ouders, pleegouders en pleegkinderen aan bod. Het derde deel schenkt aandacht aan het verloop van pleeggezinplaatsingen en gaat in op de gevolgen van overplaatsingen van kinderen. En de organisatorische aspecten van de pleegzorg komen hier aan de orde. In het vierde deel wordt aandacht besteed aan de diagnostiek van pleegkinderen en de mogelijkheden van interventie. Ten slotte worden twee praktijkmodellen op het gebied van de pleegzorg besproken. Een van de hoofdstukken in het eerste deel is geschreven door Prof Femmie Juffer. Zij beschrijft de ontwikkeling van geadopteerde kinderen en de betekenis hiervan voor pleegzorg. Hierbij wijst zij onder andere op de aanwijzingen dat pleegkinderen mogelijk minder goed zouden functioneren dan geadopteerde kinderen doordat zij een minder stabiele plaatsing hebben. Het boek Pleegzorg in Perspectief staat onder redactie van de Leidse pedagogen Peter van den Bergh en Tonny Weterings. Zij schreven naast enkele hoofdstukken ook de slotbeschouwing waarin ze aanbevelingen tot verbetering doen. Zij zetten hierbij onder andere vraagtekens bij de dominante hulpverleningsvisie, die vindt dat “eigenlijk elk kind bij zijn ouders hoort".      

Pleegzorg in Perspectief. Ontwikkelingen in theorie en praktijk
Redactie: P.M. van den Bergh en A.M. Weterings
Uitgever: Van Gorcum, Assen


Resultaat van pleegzorgplaatsingen.

In januari 2010 is Simon van Oijen gepromoveerd op het proefschrift ‘Resultaat van pleegzorgplaatsingen. Een onderzoek naar breakdown en de ontwikkeling van adolescente pleegkinderen bij langdurige pleegzorgplaatsingen ‘ bij de  Rijksuniversiteit van Groningen.

Simon van Oijen deed onderzoek naar voortijdige beëindiging (breakdown) van de langdurige pleegzorg bij adolescente pleegkinderen in Nederland. Centraal stond de vraag welke combinatie van pleegkind- en/of pleeggezinkenmerken voorspellend zijn voor het resultaat van de pleegzorgplaatsing. 

Een breakdown heeft veelal negatieve gevolgen voor alle betrokkenen. Voor het pleegkind zijn dit bijvoorbeeld een verminderde agressieregulatie, een negatief zelfbeeld en een toenemend wantrouwen in (nieuwe) opvoeders. Hierdoor neemt het vermogen van het pleegkind om zich aan (nieuwe) opvoeders te binden verder af en ontstaat er een negatieve spiraal van toenemende gedragsproblemen waarmee het risico op een toekomstige breakdown toeneemt. Voor het pleeggezin leidt een breakdown veelal tot spanningen in de gezinsrelaties en gevoelens van falen bij de pleegouders, wat kan leiden tot een burn-out van het pleeggezin en het verlies van het pleeggezin voor de zorgaanbieder. Vrijwel de helft van de langdurige plaatsingen van pleegkinderen van 11 tot 17 jaar stopt voortijdig. Oudere pleegkinderen met ernstige externaliserende gedragsproblemen en een langere hulpverleningsgeschiedenis hebben een hoger risico op een mislukking van de plaatsing. Kenmerken van het pleeggezin zijn niet bepalend voor het succes van de plaatsing, alleen pleegkindkenmerken. De voortijdige beëindiging kan bij het pleegkind leiden tot een verminderde agressiebeheersing, een negatief zelfbeeld en toenemend wantrouwen in opvoeders. In het pleeggezin kan een mislukking leiden tot spanningen in de gezinsrelaties en gevoelens van falen bij de pleegouders. Van Oijen toont aan dat het in een vroegtijdig stadium van de plaatsing al mogelijk is om het risico op een breakdown in te schatten en geeft aanbevelingen om dit in de praktijk toe te passen. Deze aanbevelingen zijn ook zinvol voor de adoptiepraktijk, omdat ook hier het aantal kinderen met emotionele en/of gedragsproblemen toeneemt. S. van Oijen ‘Resultaat van pleegzorgplaatsingen. Een onderzoek naar breakdown en de ontwikkeling van adolescente pleegkinderen bij langdurige pleegzorgplaatsingen ‘ Proefschrift Rijksuniversiteit van Groningen
 


Vanuit ICAR2:International Advances in Adoption Research for Practice

Het boek "International Advances in Adoption Research for Practice", editor G.M Wrobel en E. Neil is het gepubliceerde resultaat van ICAR2 – de Second International Conference on Adoption Research (ICAR2) een conferentie die juli 2006 georganiseerd werd in Norwich, Groot Brittanie, waarbij 150 wetenschappers, werkend in het adoptieveld, hun onderzoek presenteerden. Vanuit deze conferentie zijn 13 lezingen bewerkt en gepubliceerd in dit boek, waarbij onderzoekers uit 5 verschillende landen een internationaal perspectief geven op adoptie. Het eerste deel van het boek benadrukt het belang van de context van de adoptie, zoals openheid en culturele en bio-ecologische achtergronden, het tweede deel beschrijft de laatste wetenschappelijke ontwikkelingen. Er wordt aandacht besteed aan de verschillende typen adoptie (internationaal, landelijk, special needs, baby adoptie) en perspectieven (geboortemoeder, geadopteerde en adoptieouder).  Adoptie wordt belicht vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines en theorieen, maar alle bijdragen zijn geschreven met het oogpunt dat de kennis praktisch bruikbaar moet zijn voor de praktijk.


Opvoeding over de Grens

"Opvoeding over de Grens - Gehechtheid, trauma en veerkracht" van prof M.H. van IJzendoorn.

Kinderen groeien op in oneindig veel varianten van leefvormen en culturen, en hebben daarmee doorgaans weinig moeite. Hun aanpassingsvermogen is verbazend groot. Maar er zijn grenzen aan hun veerkracht. Genocidaal geweld, mishandeling in het gezin of structurele verwaarlozing in tehuizen laten diepe sporen na.
Toch weten kinderen ook dergelijke traumatische ervaringen te overleven. Door een drastische verandering in hun levensomstandigheden zijn ze in staat een verrassende inhaalslag maken. Zonder het belang van genetische verschillen te onderschatten, wordt in dit boek betoogd dat opvoeding uiteindelijk het zwaarste stempel drukt op de ontwikkeling van kinderen. In Opvoeding over de grens worden effecten.
In Opvoeding over de grens worden culturele variaties maar ook afwijkingen in de opvoeding en gehechtheid besproken, en wordt aangetoond dat het gezin in welke vorm dan ook de onvermijdelijke plek is voor opvoeding en herstel. Het boek toont zowel de negatieve effecten van tehuis opvoeding, maar ook de enorme veerkracht bij kinderen opgegroeid in de gemeenschappelijke opvoedingscultuur van de kibboets, kinderen van overlevenden van de holocaust en de grote inhaalslag van geadopteerden. Het boek geeft een boeiend overzicht van situaties waarbij gehechtheid een belangrijke factor is en toont hiermee een ruimer kader rond de specifieke problematiek van gehechtheid bij adoptie en pleegzorg.


 

Laatst Gewijzigd: 16-01-2014